Search result: 57 articles

x
Article

Access_open De blinde vlek in praktijk en discussie rond orgaandonatie

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2020
Keywords organ donation, ethics of organ donation, symbolic nature of the human body, ethics and ritual, symbolic legislation theory
Authors Herman De Dijn
AbstractAuthor's information

    In countries like Belgium and The Netherlands, there seems to be overwhelming public acceptance of transplantation and organ donation. Yet, paradoxically, part of the public refuses post-mortal donation of their own organs or of those of family members. It is customary within the transplantation context to accept the refusal of organ donation by family members “in order to accommodate their feelings”. I argue that this attitude does not take seriously what is really behind the refusal of donation by (at least some) family members. My hypothesis is that even in very secularized societies, this refusal is determined by cultural-symbolic attitudes vis-à-vis the (dead) human body (and some of its parts). The blind spot for this reality, both in the practice of and discussions around organ donation, prevents understanding of what is producing the paradox mentioned.


Herman De Dijn
Herman De Dijn is emeritus hoogleraar wijsbegeerte aan de KU Leuven.

    Hoe was het met de Nederlandse rechtsfilosofie gesteld in de eerste jaren na de bevrijding? In die periode lag binnen de Vereniging voor Wijsbegeerte des Rechts (VWR) het accent op de verhouding tussen recht en gerechtigheid in het licht van het recente verleden. Dit artikel bespreekt interventies van drie actieve VWR-leden in de jaren 1946-1949: C.M.O. van Nispen tot Sevenaer, I. Kisch en G.E. Langemeijer. Gelet op het sterke accent op de relatie tussen recht en moraal in deze periode, is het niet verwonderlijk dat de rechtsfilosofie van Gustav Radbruch destijds binnen de VWR veel bijval kreeg. Wat was Radbruchs invloed op deze drie rechtsfilosofen? Het artikel besluit met een bespreking van de herdenkingsrede die VWR-voorzitter M.P. Vrij in 1949 uitsprak bij het dertigjarig bestaan. Deze rede markeert het eindpunt van vier jaar van intensieve aandacht voor de rechtsfilosofische implicaties van de ervaring van juridisch onrecht.


Wouter Veraart
Wouter Veraart is hoogleraar Rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Article

Access_open Broken rules, ruined lives

Een verkenning van de normativiteit van de onrechtservaring

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2019
Keywords onrecht, Slachtofferrechten, Benjamin, Shklar
Authors Nanda Oudejans and Antony Pemberton
AbstractAuthor's information

    Hoewel de rechtspositie van slachtoffers de afgelopen decennia verstevigd lijkt, blijft de relatie tussen slachtoffer en strafrecht ongemakkelijk. Rechtswetenschappers tonen zich bezorgd dat de toenemende aandacht voor de belangen van slachtoffers uitmondt in ‘geïnstitutionaliseerde wreedheid.’ Deze zorg wordt echter gevoed door een verkeerd begrip van slachtofferschap en heeft slecht begrepen wat het slachtoffer nu eigenlijk van het recht verlangt. Deze bijdrage probeert de vraag van het slachtoffer aan het recht tot begrip te brengen. Wij zullen de onrechtservaring van het slachtoffer conceptualiseren als een ontologisch alleen en verlaten zijn van het slachtoffer. Het aanknopingspunt om de relatie tussen slachtoffer en recht opnieuw te denken zoeken wij in deze verlatenheid. De kern van het betoog is dat het slachtoffer (mede) in het recht beschutting zoekt tegen deze verlatenheid, maar ook altijd onvermijdelijk tegen de grenzen van het recht aanloopt. Van een rechtssysteem dat zich volledig uitlevert aan de noden van slachtoffers kan dan ook geen sprake zijn. Integendeel, het recht moet zijn belang voor slachtoffers deels zien in de onderkenning van zijn eigen beperkingen om onrecht te keren, in plaats van de onrechtservaring van het slachtoffer weg te moffelen, te koloniseren of ridiculiseren.


Nanda Oudejans
Nanda Oudejans is universitair docent rechtsfilosofie aan de Universiteit Utrecht.

Antony Pemberton
Antony Pemberton is hoogleraar victimologie aan Tilburg University.
Article

Access_open Filosofie in de rechtszaal

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2017
Keywords rechtsfilosofie, politiek proces, onverdraagzaamheid, Wilders II
Authors Bert van Roermund
AbstractAuthor's information

    Naar aanleiding van het optreden van Paul Cliteur in het Wilders II-proces rijst de vraag hoe de inzet van een rechtsgang zich verhoudt tot de eigen aard van de filosofie. Aan de ene kant vertolkt filosofie precies dat register van waarheid dat in het recht aan de orde is. Aan de andere kant is die vertolking zo oneindig open dat ze strijdt met het gesloten karakter van het recht als een proces dat conflicten moet beëindigen door gezagvolle beslissingen. Socrates’ optreden in zijn eigen proces toont aan: de slechtste dienst die de filosofie het recht kan bewijzen, is het verlengstuk te worden van het positieve recht en zich bij voorbaat beschikbaar te stellen als een vindplaats van argumenten wanneer de juridische argumenten op zijn. De slotparagraaf argumenteert dat Cliteur deze socratische les terzijde legt. Als gevolg daarvan geeft hij een geforceerde lezing van het Felter-arrest en mist hij de kern van het begrip ‘onverdraagzaamheid’.


Bert van Roermund
Bert van Roermund is professor emeritus aan Tilburg Law School.
Article

Access_open De nominalistische theorie van de rechtssubjecten

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2017
Keywords rechtssubject, natuurlijk persoon, rechtspersoon, staat, orgaan
Authors Robert Jan Witpaard
AbstractAuthor's information

    In dit artikel presenteer ik een nieuwe ‘nominalistische’ theorie van de rechtssubjecten en laat ik zien waarom geen van de tot nu gepresenteerde theorieën de toets der kritiek kan doorstaan. Het artikel valt uiteen in een constructief en een kritisch deel. In het constructieve deel presenteer ik eerst de nominalistische theorie van de rechtssubjecten. Deze theorie richt zich op de persoonlijke elementen van het rechtssysteem en begrijpt rechtspersonen en organen als namen die uitsluitend bestaan binnen het rechtssysteem. In het kritische deel presenteer ik vervolgens een overzicht van de tot nu toe verdedigde theorieën van de rechtspersoon. Het gaat daarbij respectievelijk om de sociaal-biologische of organische leer, de sociologische leer, de sociologisch-juridische leer, de fictieleer en de leer van het (gepersonifieerde) normencomplex. Aan de hand van enkele algemeen geaccepteerde kenmerken van de rechtspersoon laat ik ten slotte zien waarom geen van deze alternatieve theorieën de toets der kritiek kan doorstaan.


Robert Jan Witpaard
Mr. dr. Robert Jan Witpaard is jurist bij de Afdeling Verdragen van het ministerie van Buitenlandse Zaken.
Article

Access_open Terug naar het begin: Een onderzoek naar het principe van constituerende macht

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2015
Keywords constituent power, legitimacy, representation, collective action, ontology
Authors Nora Timmermans Ph.D.
AbstractAuthor's information

    In dit artikel argumenteer ik dat er twee mogelijke invullingen zijn voor het principe van constituerende macht. De eerste mogelijkheid is deze van de klassieke basisveronderstelling van de constitutionele democratie, namelijk dat de gemeenschap zelf vorm kan en moet geven aan de fundamentele regels die die gemeenschap beheersen. Hans Lindahl maakt een interessante analyse van deze traditionele invulling, die ik kritisch zal benaderen. Lindahl heeft immers zelf scherpe kritiek op de invulling die Antonio Negri aan het concept constituerende macht geeft. Mijn interpretatie gaat er echter van uit dat Negri een fundamenteel andere inhoud geeft aan het principe van constituerende macht, waarbij constituerende macht niet alleen wordt losgemaakt van het constitutionalisme, maar meer algemeen van elk rechtssysteem en zelfs van elke vorm van finaliteit. Deze argumentatie werpt een nieuw licht op het debat rond Negri’s theorie van constituerende macht, waarin diens meest fundamentele uitgangspunt vaak over het hoofd wordt gezien.


Nora Timmermans Ph.D.
Nora Timmermans is Master in Philosophy and currently a Ph.D. Student.
Article

Access_open Rechtspraak en waarheid in Aischylos’ Oresteia en Yael Farbers Molora

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2013
Keywords Oresteia, tragedy, conflict resolution, truth and reconciliation commission, restorative justice
Authors Lukas van den Berge
AbstractAuthor's information

    This article explores the themes of injustice and dehumanization in Aeschylus’ Oresteia and Yael Farber’s Molora, in which the story of the Oresteia is dramatized against the backdrop of post-apartheid South Africa. It is argued that both plays depict wrongdoers and victims alike as social outcasts. Thus, they can both be described with Paul Ricoeur as ‘sketches of a man,’ not being able to live up to their full human potential. Borrowing from Ricoeur’s legal philosophy, it is then explained how public trials and hearings help them to reintegrate into society, in which they can regain their full humanity.


Lukas van den Berge
Lukas van den Berge is researcher at the Montaigne Centre for Judicial Administration and Conflict Resolution of Utrecht University (the Netherlands), where he prepares a dissertation on the theory of administrative procedural law.
Article

Access_open ‘God hath given the world to men in common’

Grenzen aan privé-eigendom in geval van nood en verspilling in het middeleeuwse en vroegmoderne natuurrecht

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2013
Keywords natural law, property, rights of the poor, extreme necessity, necessitas urgens et evidens
Authors Marc de Wilde
AbstractAuthor's information

    This article examines what limitations to private property John Locke recognizes to protect the rights of the poor. As has been pointed out in the literature, Locke’s ideas on the limitations to private property have been influenced by medieval discussions about the rights of the poor and the principle of extreme necessity. Confirming this interpretation, the article shows that Locke borrows the distinction between ‘ordinary need’ and ‘evident and urgent necessity’ from Thomas Aquinas. Taking position in a debate among Grotius and Pufendorf, Locke argues that the poor have a natural right to the ‘surplus’ of somebody else’s possessions, and that this right becomes legally enforceable in case of ‘evident and urgent necessity.’


Marc de Wilde
Marc de Wilde is Professor of Legal Theory at the University of Amsterdam.
Article

Access_open De liberale canon: argumenten voor vrijheid

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2012
Keywords enforcement of morals, liberalism, liberty, political liberalism, Rawls
Authors Alex Bood
AbstractAuthor's information

    This article examines how a liberal public morality can be most successfully defended against perfectionism. First of all the five most important liberal arguments for freedom are taken from what is called the liberal canon: a number of characteristic works of John Locke, Immanuel Kant, John Stuart Mill, Isaiah Berlin, Joseph Raz, Ronald Dworkin, and John Rawls. These five arguments are identified as: social and political realism, respect for autonomy, fallibility of ideas, pluralism, and respect for reasonableness. Next, the persuasiveness of these arguments is assessed, starting with the argument of respect for reasonableness, which is at the heart of Rawls’s political liberalism. It is concluded that in itself this argument is not strong enough to persuade perfectionists. A powerful defence of a liberal public morality needs the other arguments for freedom as well. Finally, the paper outlines how these other arguments can strengthen the argument of respect for reasonableness in a coherent manner.


Alex Bood
Alex Bood is Research Manager at the Dutch Public Prosecution’s Office for Criminal Law Studies (WBOM).
Article

Access_open De complexiteit van het kwaad

Een kritische lezing van Hannah Arendts Eichmann in Jerusalem

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2012
Keywords banality of evil, Hannah Arendt, Adolf Eichmann, Holocaust studies, philosophy of international criminal law
Authors Klaas Rozemond
AbstractAuthor's information

    In her book Eichmann in Jerusalem Hannah Arendt concluded that the Eichmann trial taught us the lesson of the ‘fearsome, word-and-thought-defying banality of evil’. Arendt explained the concept of banality as thoughtlessness: Eichmann did not realize what he was doing when he planned and executed the Final Solution of the Jewish Question in Nazi Germany. In this article Arendt’s analysis of Eichmann’s evil is criticized from an internal perspective: the conclusion that Eichmann was thoughtless cannot be founded on the information Arendt herself gives, especially her reports on Eichmann’s idealism, his knowledge of Kant’s categorical imperative, his Pontius Pilate feeling during the Wannsee Conference, and the two crises of conscience Eichmann experienced during the Holocaust. This information shows that Eichmann clearly realized what he was doing in a moral sense and consciously decided to go on with the Final Solution on the basis of his own convictions as a Nazi.


Klaas Rozemond
Klaas Rozemond is Associate Professor of Criminal Law at the VU University of Amsterdam.
Miscellaneous

Access_open Monotheïsme kan uw staat ernstige schade toebrengen

Paul Cliteur, The Secular Outlook & Het monotheïstisch dilemma

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2011
Authors Wouter de Been
AbstractAuthor's information

    Book review of Paul Cliteur, The Secular Outlook & Paul Cliteur, Het monotheïstisch dilemma


Wouter de Been
Wouter de Been is postdoctoral researcher in legal theory at the Erasmus School of Law (Rotterdam).
Miscellaneous

Access_open De onschuld voorbij

Jeff McMahans Killing in War

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2011
Keywords just war, non-combatant immunity, self-defense
Authors Koos ten Bras and Thomas Mertens
AbstractAuthor's information

    Jeff McMahan, one of the leading contemporary writers on ‘just war thinking’, argues in the book under review, Killing in War, that one of the central tenets of the ‘ius in bello’, namely the moral equality of combatants, is both conceptually and morally untenable. This results from a reflection upon and a departure from two basic assumptions in Walzer’s work, namely the idea that war itself isn’t a relation between persons, but between political entities and their human instruments and the idea that the ‘ius ad bellum’ and ‘ius in bello’ are and should be kept distinct. This book merits serious reflection. However, the disadvantages of McMahan’s position are obvious. If the rights of combatants during war depend on the justice of their cause, the immunity of the civilians on the side of the supposed ‘unjust’ enemy is seriously endangered.


Koos ten Bras
Koos ten Bras is a recent university graduate from the Radboud University Nijmegen with a master degree in International & European Law, and a student in Philosophy of Law at the Radboud University Nijmegen.

Thomas Mertens
Thomas Mertens is Professor of Legal Philosophy at the Faculty of Law at Radboud University Nijmegen, and Professor of Human Rights and Human Responsibilities at the Institute of Philosophy at Leiden University.
Article

Access_open Legitimiteit, gemeenschap en rechtvaardigheid

Een kritiek op Dworkins verklaring voor legitimiteit

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2011
Keywords legitimacy, associative obligations, justice, community, Dworkin
Authors Thomas Decreus
AbstractAuthor's information

    In Law’s Empire Ronald Dworkin offers a specific answer to the age old question of political legitimacy. According to Dworkin, legitimacy originates in a ‘true community’ that is able to generate associative obligations among its members. In this article I illustrate how this answer contrasts with the moral and political principle of justice. The question remains how a conceptual link can be found between a community-based view on legitimacy and a more universal demand for justice. I try to answer this question by offering a close reading of Law’s Empire and other basic essays in Dworkin’s philosophy of law. In my attempt to solve this problem I propose an alternative view on community and legitimacy. In opposition to Dworkin I claim that legitimacy is prior to the community.


Thomas Decreus
Thomas Decreus is PhD student in political philosophy at the KULeuven Institute of Philosophy.
Book Review

Access_open Marc de Wilde, Verwantschap in extremen

Politieke theologie bij Walter Benjamin en Carl Schmitt

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2010
Authors Jerker Spits
AbstractAuthor's information

    Jerker Spits, book review of Marc de Wilde, Verwantschap in extremen. Politieke theologie bij Walter Benjamin en Carl Schmitt


Jerker Spits
Jerker Spits, PhD at Leiden University, publications on German literature (Ernst Jünger, Thomas Bernhard, Martin Walser) and philosophy in Oxford German Studies, Monatshefte and Academische Boekengids.
Book Review

Access_open Wilbert Mennings, Wouter Veraart en Pieter Edelman (red.), Voorlopig ben ik humanist

Teksten en voordrachten van Jan van Zijverden (1928-2003)

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2010
Authors Jaap Zwart and Femke Storm
AbstractAuthor's information

    Jaap Zwart and Femke Storm, book review of Wilbert Mennings, Wouter Veraart en Pieter Edelman (red.), Voorlopig ben ik humanist. Teksten en voordrachten van Jan van Zijverden (1928-2003)


Jaap Zwart
Jaap Zwart is lecturer at the Department of Legal Theory, VU University Amsterdam.

Femke Storm
Femke Storm is a law student at the VU University Amsterdam.
Article

Access_open De droom van Beccaria

Over het strafrecht en de nodale veiligheidszorg

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2010
Keywords Beccaria, criminal law, nodal governance, social contract
Authors Klaas Rozemond
AbstractAuthor's information

    Les Johnston and Clifford Shearing argue in their book, Governing Security, that the state has lost its monopoly on the governance of security. Private security arrangements have formed a networked governance of security in which the criminal law of the state is just one of the many knots or ‘nodes’ of the security network. Johnston and Shearing consider On Crimes and Punishment, written by Cesare Beccaria in the 18th century, as the most important statement of the classical security program which has withered away in the networked governance of the risk society. This article critizes the way Johnston and Shearing analyze Beccaria’s social contract theory and it formulates a Beccarian theory of the criminal law and nodal governance which explains the causes of crime and the rise of nodal governance and defends the central role of the state in anchoring security arrangements based on private contracts and property rights.


Klaas Rozemond
Klaas Rozemond is associate professor at the Department of Criminal Law, Faculty of Law, VU University Amsterdam.
Article

Access_open Wetenschappelijke rechtsgeleerdheid

Commentaar op het preadvies van Carel Smith

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2009
Keywords law and hermeneutics, law and normativity, one right answer thesis, legal jurisprudence, legal doctrine
Authors Prof. dr. Arend Soeteman
AbstractAuthor's information

    This article is a comment on Carel Smith’s paper. Smith rightly argues that the study of law has a hermeneutic character. But his interpretation of legal hermeneutics includes the thesis that in hard cases there is no right or true legal decision. This seems to have negative implications for the scholarly character of the study of law: in hard cases any solution goes. This paper argues, against Smith, that the study of law defends right answers for hard cases. It is also normative in another sense: legal answers, in easy cases as well as in hard cases, always presuppose a normative interpretation of the legal sources. This contributes to the differences of opinion under lawyers. But it is no obstacle to the scholarly character of the study of law, as long as a rational debate about these legal answers and the underlying values and principles is possible. Smith’s rejection of the right answer thesis, however, prevents the possibility of such a rational debate.


Prof. dr. Arend Soeteman
Arend Soeteman is professor at the Faculty of Law, VU University Amsterdam.
Article

Access_open Lettres Persanes 14

Oorlog is natuurlijk erger dan een zoekgeraakte koffer. Staking, geweld en rechtsorde

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2009
Keywords law and politics, right to strike, exceptionalism, Benjamin, political action
Authors Dr. mr. Klaas Tindemans
AbstractAuthor's information

    This article discusses the right to strike, with special regard to Belgium. Referring to Walter Benjamin, Tindemans argues that strikes are rechtsetzend rather than rechtserhaltend; they constitute a legal order rather than preserve one. Strikes are exceptional phenomena within any legal system, as they do not fit normal criteria of legal validity. According to Tindemans, strikes are to be considered primarily as extralegal phenomena, as means in a political struggle, confronting the “police” of the core institutions of the state and the legal order. Strikes are political actions, moments of collective aspiration towards political equality, and as such threaten the “pureness” of the legal order in favour of a fragmented politics.


Dr. mr. Klaas Tindemans
Klaas Tindemans is Doctor of Laws and a playwright. He teaches at the RITS, school for audiovisual and performing arts, Erasmushogeschool Brussels.
Book Review

Access_open Ben Golder & Peter Fitzpatrick, Foucault’s Law

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2009
Keywords Foucault, supression thesis
Authors Mr. dr. Marc de Wilde
AbstractAuthor's information

    Marc de Wilde, book review of Ben Golder & Peter Fitzpatrick, Foucault’s Law. Abingdon/New York: Routledge, 2009


Mr. dr. Marc de Wilde
Marc de Wilde is assistant professor at the Department of Legal History, University of Amsterdam.
Article

Access_open Lettres Persanes 13

Res publica en rechtsstaat: vrijheid in een onvolmaakte samenleving – Pleidooi voor een functionele (niet te bevlogen) grondwet

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2009
Keywords Vlaanderen, constitutie, Grondwet, fundamentele vrijheden
Authors Matthias Storme
AbstractAuthor's information

    In light of the possibility that Belgium could fall apart in coming years this contribution argues that it is time to reflect on a constitution for Flanders: What are the characteristics of a good constitution? A good constitution would entrench fundamental freedoms, which are historically rooted in society. Moreover, it obliges the government to maintain and enforce the laws, preventing abuse of power and corruption. Finally, a functioning constitution stands above temporary interests of partisan politics, and should not be used as a means to encumber future generations with our ideological choices.


Matthias Storme
Matthias Storme is advocaat aan de balie van Brussel en buitengewoon hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven en aan de Universiteit Antwerpen.
Showing 1 - 20 of 57 found texts
« 1 3
You can search full text for articles by entering your search term in the search field. If you click the search button the search results will be shown on a fresh page where the search results can be narrowed down by category or year.