Search result: 39 articles

x
Article

Access_open Moet de strafrechter ook de scheidsrechter zijn van het publieke debat?

De scheiding der machten in het licht van de vrijheid van meningsuiting voor volksvertegenwoordigers

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2020
Keywords Freedom of speech, Separation of powers, Criminal law, Hate speech, Legal certainty
Authors Jip Stam
AbstractAuthor's information

    This article contains a critical review of the provisions in the Dutch penal code regarding group defamation and hate speech. It is argued that not only these provisions themselves but also their application by the Dutch supreme court, constitutes a problem for the legitimacy and functioning of representative democracy. This is due to the tendency of the supreme court to employ special constraints for offensive, hateful or discriminatory speech by politicians. Because such a special constraint is not provided or even implied by the legislator, the jurisprudence of the supreme court is likely to end up in judicial overreach and therefore constitutes a potential – if not actual – breach in the separation of powers. In order to forestall these consequences, the protection of particularly political speech should be improved, primarily by a revision of the articles 137c and 137d of the Dutch penal code or the extension of parliamentary immunity.


Jip Stam
Jip Stam is onderzoeker en docent bij de afdeling Encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Leidse rechtenfaculteit.

    Een rechtsstaat is gebaseerd op zelfbinding van de overheid aan het recht. Deze zelfbinding moet verankerd zijn in regels die onder meer de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht vastleggen. De ontwikkelingen in Polen en elders tonen echter aan dat juridische regels van zelfbinding geen blokkades maar verkeersdrempels zijn op de weg naar despotisch bestuur. Een rechtsstaat vereist vooral een cultuur van zelfbinding. De conceptualisering van deze rechtsstaatcultuur staat nog in de kinderschoenen.


Ronald Janse
Ronald Janse is hoogleraar Encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Open Universiteit.
Article

Access_open Nationale constitutie versus internationale jurisdictie?

De rol van de rechter vanuit internationaalrechtelijk perspectief

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2020
Authors Anneloes Kuiper-Slendebroek
AbstractAuthor's information

    Voor het evenwicht tussen de staatsmachten, maar ook voor de ontwikkeling van internationaal recht, is de wijze waarop de nationale rechter zijn rol vervult van belang: gedraagt hij zich als rechtsvormer of als een rechtshandhaver? Zowel de legitimatie en vorming van het internationale recht als de handhaving van de internationale verplichtingen van de Staat op nationaal niveau zijn hiervan afhankelijk. Deze belangen worden bezien vanuit internationaal perspectief en uiteengezet aan de hand van recente jurisprudentie.


Anneloes Kuiper-Slendebroek
Anneloes Kuiper-Slendebroek is universitair docent privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.

Elaine Mak
Elaine Mak is hoogleraar Rechtstheorie en Enclyopedie van de rechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.

Anne Ruth Mackor
Anne Ruth Mackor is hoogleraar Hoogleraar professie-ethiek, in het bijzonder van juridische professies aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Iris van Domselaar
Iris van Domselaar is universitair hoofddocent aan de Amsterdamse rechtenfaculteit.

Irawan Sewandono
Irawan Sewandono is universitair docent staats- en bestuursrecht aan de Open Universiteit.
Article

Access_open Het classicistische politieke denken van Van Hogendorp

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue Pre-publications 2020
Keywords classicistisch politiek denken, constitutie, Van Hogendorp, Grondwet, politieke filosofie
Authors Alban Mik
AbstractAuthor's information

    Gijsbert Karel van Hogendorp is the auctor intellectualis of the 1818 Dutch constitution. It was his sketch for a new constitution that was used as a starting point for the deliberations of its original drafting committee. Van Hogendorp justifies his constitution as a restoration of the Burgundian constitution that applied before the Dutch Republic. In recent literature Van Hogendorp’s restorational argument is presented as an invention of tradition. In this article an alternative explanation is presented, namely that it is part of a form of classicist political thought that was common during the ancien régime. Van Hogendorp describes his constitution as a moderate monarchy, in which the three principles of monarchy, aristocracy and democracy are properly balanced. And he mainly defends this mixed regime by pointing out that it is a restoration of the old Burgundian constitution of the Netherlands. This way of reasoning is, as will be shown, typically classicistic.


Alban Mik
Alban Mik is onderzoeker aan de Afdeling Metajuridica, vakgroep Rechtsfilosofie van de Universiteit Leiden.

    In dit artikel wordt de waarde van het instituut parlement verkend. Daartoe analyseert de auteur eerst een lezing die de Nederlandse staatsrechtsgeleerde C.W. van der Pot in 1925 over dit thema hield bij de VWR. Vervolgens wordt Van der Pots opvatting gecontrasteerd met de diametraal tegengestelde benadering van Carl Schmitt, die zich, rond dezelfde tijd, over dit vraagstuk boog in Duitsland. Tot slot schetst de auteur, via een alternatieve, wellicht excentrieke, interpretatie van Schmitt waar een belangrijke waarde van het moderne parlement zou kunnen liggen.


Bastiaan Rijpkema
Bastiaan Rijpkema is universitair docent aan de afdeling Encyclopedie van de Rechtswetenschap van de Universiteit Leiden.
Article

Access_open Fenomenologie van het proces van bewijzen in strafzaken

Over de noodzaak van het vooroordeel

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2019
Authors Thomas Jacobus de Jong
Abstract

    In deze bijdrage staat de activiteit van bewijzen in strafzaken centraal. Betoogd wordt dat de vigerende rationalistische opvatting van strafrechtelijk bewijzen eraan voorbij gaat dat het bewijzen zich allereerst voltrekt op een vóór-reflectief niveau. Het primaire blikveld van de mens is namelijk niet het objectiverende kennen, zoals in de rationele bewijstheorieën wordt voorondersteld, maar de praktische relatie tot de wereld. In dit kader wordt eerst de filosofische achtergrond van de rationalistische bewijsopvatting in kaart gebracht, in het bijzonder de invloed van Aristoteles en Descartes. Vervolgens worden de daaruit voortkomende bevindingen aan de hand van ideeën en inzichten die zijn ontleend aan de existentiële fenomenologie kritisch gewaardeerd. Dit leidt tot de uiteenzetting van een hermeneutische opvatting van strafrechtelijk bewijzen.


Thomas Jacobus de Jong
Article

Access_open Terug naar het begin: Een onderzoek naar het principe van constituerende macht

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2015
Keywords constituent power, legitimacy, representation, collective action, ontology
Authors Nora Timmermans Ph.D.
AbstractAuthor's information

    In dit artikel argumenteer ik dat er twee mogelijke invullingen zijn voor het principe van constituerende macht. De eerste mogelijkheid is deze van de klassieke basisveronderstelling van de constitutionele democratie, namelijk dat de gemeenschap zelf vorm kan en moet geven aan de fundamentele regels die die gemeenschap beheersen. Hans Lindahl maakt een interessante analyse van deze traditionele invulling, die ik kritisch zal benaderen. Lindahl heeft immers zelf scherpe kritiek op de invulling die Antonio Negri aan het concept constituerende macht geeft. Mijn interpretatie gaat er echter van uit dat Negri een fundamenteel andere inhoud geeft aan het principe van constituerende macht, waarbij constituerende macht niet alleen wordt losgemaakt van het constitutionalisme, maar meer algemeen van elk rechtssysteem en zelfs van elke vorm van finaliteit. Deze argumentatie werpt een nieuw licht op het debat rond Negri’s theorie van constituerende macht, waarin diens meest fundamentele uitgangspunt vaak over het hoofd wordt gezien.


Nora Timmermans Ph.D.
Nora Timmermans is Master in Philosophy and currently a Ph.D. Student.

Dr. Bertjan Wolthuis PhD

Stef Feyen
Stef Feyen (LL.M., Harvard) is a Researcher for the Flemish Research Foundation (FWO) affiliated to the Institute for Constitutional Law at KU Leuven. He prepares a dissertation on the most adequate representation of constitutional interpretation in Europe.
Article

Access_open De liberale canon: argumenten voor vrijheid

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2012
Keywords enforcement of morals, liberalism, liberty, political liberalism, Rawls
Authors Alex Bood
AbstractAuthor's information

    This article examines how a liberal public morality can be most successfully defended against perfectionism. First of all the five most important liberal arguments for freedom are taken from what is called the liberal canon: a number of characteristic works of John Locke, Immanuel Kant, John Stuart Mill, Isaiah Berlin, Joseph Raz, Ronald Dworkin, and John Rawls. These five arguments are identified as: social and political realism, respect for autonomy, fallibility of ideas, pluralism, and respect for reasonableness. Next, the persuasiveness of these arguments is assessed, starting with the argument of respect for reasonableness, which is at the heart of Rawls’s political liberalism. It is concluded that in itself this argument is not strong enough to persuade perfectionists. A powerful defence of a liberal public morality needs the other arguments for freedom as well. Finally, the paper outlines how these other arguments can strengthen the argument of respect for reasonableness in a coherent manner.


Alex Bood
Alex Bood is Research Manager at the Dutch Public Prosecution’s Office for Criminal Law Studies (WBOM).
Article

Access_open De Drittwirkung van grondrechten

Retorisch curiosum of vaandel van een paradigmatische omwenteling in ons rechtsbestel?

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2012
Keywords Drittwirkung, horizontal effect of human rights, constitutionalisation of private law
Authors Stefan Somers
AbstractAuthor's information

    This article discusses whether the horizontal effect of human rights marks a new paradigm in legal systems or is merely a new style in legal rhetoric. In doing so, much attention is paid to the differences between direct and indirect horizontal effect. Departing from social contract theory the article explains that the protection of human right values in horizontal relations is an essential feature of modern constitutionalism. It also analyses whether these values in horizontal relations should be protected by private law or by human rights. This question is looked at from a substantial, a methodological and an institutional perspective. In the end, because of institutional power balancing, the article argues in favor of an indirect horizontal effect of human rights.


Stefan Somers
Stefan Somers is a researcher at the Department of Interdisciplinary Studies at the VUB (Free University of Brussels) and prepares a PhD on the relationship between human rights and tort law.
Book Review

Access_open Stefan Sottiaux, De Verenigde Staten van België

Reflecties over de toekomst van het grondwettelijk recht in de gelaagde rechtsorde

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2011
Authors Stefan Rummens
AbstractAuthor's information

    Book review of Stefan Sottiaux, De Verenigde Staten van België


Stefan Rummens
Stefan Rummens is Assistant Professor of Political Theory at the Radboud University Nijmegen.
Article

Access_open Paul Scholten en Herman Dooyeweerd: het gesprek dat nooit plaatsvond

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2010
Keywords Scholten, Dooyeweerd, legal principles, legal reasoning, religion
Authors Bas Hengstmengel
AbstractAuthor's information

    The legal scholars Paul Scholten (1875-1946) and Herman Dooyeweerd (1894-1977) had much in common. The most significant agreement is their emphasis on the influence of a (religious) worldview on legal scholarship and practice. Unfortunately, they never met to discuss the similarities and differences of their jurisprudential ideas. In this article I try to reconstruct this conversation which never took place. Scholten’s legal thought is specifically oriented to the practice and difficulties of judging. Dooyeweerd above all was a philosopher whose specific philosophy of the modal aspects of reality is the basis for his thinking about the law. Both scholars emphasized the importance of legal principles. They also identified several fundamental legal categories and concepts. However, their methodology is different. The way religion and morality influence their legal thought is also different. A discussion of the contemporary relevance of their work completes the paper.


Bas Hengstmengel
Bas Hengstmengel is a PhD-candidate at Erasmus School of Law, Rotterdam. He writes a dissertation on procedural justice.
Book Review

Access_open Ben Golder & Peter Fitzpatrick, Foucault’s Law

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2009
Keywords Foucault, supression thesis
Authors Mr. dr. Marc de Wilde
AbstractAuthor's information

    Marc de Wilde, book review of Ben Golder & Peter Fitzpatrick, Foucault’s Law. Abingdon/New York: Routledge, 2009


Mr. dr. Marc de Wilde
Marc de Wilde is assistant professor at the Department of Legal History, University of Amsterdam.
Article

Access_open Lettres Persanes 13

Res publica en rechtsstaat: vrijheid in een onvolmaakte samenleving – Pleidooi voor een functionele (niet te bevlogen) grondwet

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2009
Keywords Vlaanderen, constitutie, Grondwet, fundamentele vrijheden
Authors Matthias Storme
AbstractAuthor's information

    In light of the possibility that Belgium could fall apart in coming years this contribution argues that it is time to reflect on a constitution for Flanders: What are the characteristics of a good constitution? A good constitution would entrench fundamental freedoms, which are historically rooted in society. Moreover, it obliges the government to maintain and enforce the laws, preventing abuse of power and corruption. Finally, a functioning constitution stands above temporary interests of partisan politics, and should not be used as a means to encumber future generations with our ideological choices.


Matthias Storme
Matthias Storme is advocaat aan de balie van Brussel en buitengewoon hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven en aan de Universiteit Antwerpen.

    Book review of Martin Buijsen (ed.), Wrongful Life? Essays on the Baby-Kelly-case [Onrechtmatig leven. Opstellen naar aanleiding van Baby Kelly], Nijmegen: Valkhof Pers 2006, 234 p.


Britta van Beers
Britta van Beers is universitair docent Rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Book Review

Access_open Hendrik Visser 't Hooft, Het recht van de toekomst. Over morele aspecten van duurzaamheid.

Kampen: Uitgeverij Klement 2006, 96 p.

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2008
Keywords milieuramp, aansprakelijkheid, bedreiging, beschermd natuurgebied, constitutie, delegatie, duurzame ontwikkeling, duurzame ontwrichting, economisch belang, imago
Authors W. Veraart

W. Veraart
Showing 1 - 20 of 39 found texts
« 1
You can search full text for articles by entering your search term in the search field. If you click the search button the search results will be shown on a fresh page where the search results can be narrowed down by category or year.